Waarom komen zo weinig langdurig werklozen bij het leefloon terecht?
19 september 2026 | Damien De Leeuw | Politiek
Hoe worden langdurig werklozen in Herzele opgevangen wanneer ze hun werkloosheidsuitkering verliezen? Die vraag legde gemeenteraadslid Filip De Bodt (LEEF!) voor tijdens de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van afgelopen woensdag. Volgens cijfers die De Bodt verzamelde, lijkt in Herzele een opvallend kleiner aandeel bij het OCMW in een leefloon terecht te komen dan in andere gemeenten uit de regio. Schepen van Sociale Zaken Hilde Van Impe (Anders.Herzele) nuanceerde die vergelijking: wie zijn werkloosheidsuitkering verliest, krijgt niet automatisch een leefloon en het OCMW onderzoekt eerst of er andere rechten of inkomsten mogelijk zijn.
Aanleiding is de hervorming van de werkloosheidsuitkeringen, waarbij het recht op een uitkering in de tijd wordt beperkt. De eerste gevolgen daarvan worden ondertussen ook zichtbaar bij de lokale OCMW's. Filip De Bodt had vooraf cijfers verzameld over de situatie in Herzele en andere gemeenten uit het arrondissement Aalst. Op basis daarvan stelde hij vast dat het aandeel langdurig werklozen dat in Herzele uiteindelijk via een leefloon wordt ondersteund opvallend lager ligt.
In zijn oorspronkelijke vraag verwees De Bodt naar 37 werklozen die hun uitkering verloren. Vier van hen zouden een leefloon hebben gekregen, één aanvraag werd afgewezen en twee personen hadden al een lopend contact met het OCMW. Hij kwam daarmee op een percentage van ruim 16 procent en stelde dat dit aanzienlijk lager lag dan in andere gemeenten uit het arrondissement. Tijdens de bespreking bleek echter dat de cijfers waarover De Bodt beschikte en de gegevens waarmee het OCMW werkt niet zomaar naast elkaar kunnen worden gelegd. De Bodt erkende dat probleem tijdens de raad en vroeg vooral naar een verklaring voor het verschil.
OCMW weet niet automatisch wie uitkering verliest
Volgens schepen van Sociale Zaken Hilde Van Impe beschikt het Sociaal Huis niet over een lijst met de persoonsgegevens van alle Herzeelse inwoners die hun werkloosheidsuitkering verliezen. Wie wordt uitgesloten, krijgt volgens Van Impe een brief waarin vermeld staat dat contact kan worden opgenomen met het Sociaal Huis voor verdere begeleiding. Het is vervolgens aan de betrokkene om zich daar aan te melden. "Het is niet zo dat wij een lijst krijgen met iedereen van Herzele, met persoonsgegevens waaruit wij weten over wie dat gaat", verduidelijkte Van Impe. Daardoor kan het OCMW volgens haar niet rechtstreeks iedere getroffen inwoner zelf contacteren.
De cijfers die vooraf aangeven hoeveel mensen mogelijk bij het OCMW terecht zullen komen, zijn volgens de schepen bovendien prognoses. De werkelijke situatie kan veranderen omdat mensen ondertussen bijvoorbeeld opnieuw werk vinden of op een andere uitkering kunnen terugvallen.
Lees verder onder de foto.
Archieffoto: schepen Hilde Van Impe (Anders.Herzele)
Eerst andere sociale rechten onderzoeken
Een belangrijk deel van de verklaring ligt volgens Van Impe bij de manier waarop het Sociaal Huis dossiers behandelt. Een leefloon is niet automatisch de eerste oplossing. Wanneer iemand zich aanmeldt, wordt onderzocht of die persoon nog recht heeft op andere vormen van inkomen of sociale bescherming. Dat kan bijvoorbeeld een ziekte-uitkering zijn, maar ook een inkomensvervangende of integratietegemoetkoming. Pas wanneer andere sociale rechten zijn onderzocht, wordt bekeken of iemand voor een leefloon in aanmerking komt.
Van Impe benadrukte daarbij dat iedere aanvraag voor een leefloon wordt onderzocht door een maatschappelijk werker. Daarbij gebeurt volgens haar een sociaal onderzoek, wordt de financiële situatie bekeken en vindt ook een huisbezoek plaats. Aanvragen voor een leefloon passeren vervolgens het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst.
Lees verder onder de foto.
Gemeenteraadslid Filip De Bodt (Leef!) tijdens het verkiezingsdebat van Helemaal Herzele / Radio Star in oktober 2024.
De Bodt vraagt meer proactieve aanpak
Voor De Bodt bleef daarmee wel de vraag overeind of het OCMW niet meer kan doen om mensen zelf te bereiken. Hij wees erop dat niet iedereen even gemakkelijk de stap naar het Sociaal Huis zet of officiële communicatie begrijpt. Volgens hem zou het OCMW daarom ook sensibiliserend en proactief kunnen werken, in plaats van uitsluitend te wachten tot iemand zich zelf aanmeldt. Van Impe stelde daar tegenover dat mensen die zonder inkomen vallen doorgaans zelf op zoek gaan naar ondersteuning en dat een deel van de betrokken inwoners bovendien al bekend is bij het Sociaal Huis.
Tijdens de discussie werden ook nieuwe cijfers aangehaald. Van Impe stelde dat er tot eind juli sprake was van 73 personen, die uiteindelijk resulteerden in 15 nieuwe leefloondossiers. Dat is ongeveer twintig procent van het totale aantal, maar volgens de schepen geeft dat cijfer op zichzelf een vertekend beeld. Van de mensen die zich daadwerkelijk bij het Sociaal Huis aanmelden, zou ongeveer de helft uiteindelijk in een nieuw leefloondossier terechtkomen. "Het gaat over aanvragen of over toekenningen, dat is een groot verschil", werd tijdens de bespreking benadrukt.
Inzetten op mensen opnieuw aan het werk krijgen
Daarnaast wees Van Impe op het lokale activeringsbeleid. Het OCMW probeert mensen niet alleen financieel te ondersteunen, maar ook opnieuw richting arbeidsmarkt te begeleiden. Dat gebeurt onder meer via jobcoaching, sollicitatiebegeleiding en stages. Volgens Van Impe behaalt Herzele daarbij goede resultaten en werden de doelstellingen binnen het lokaal activeringspact gehaald en zelfs overschreden.
Ook raadslid Jo De Loor (Vooruit) kwam tussen in de discussie. Hij vroeg naar het verschil tussen de eerdere ramingen van het aantal mensen dat mogelijk bij het OCMW terecht zou komen en het aantal personen dat zich uiteindelijk daadwerkelijk aanmeldt. Volgens Van Impe is het op dit moment moeilijk om daar harde conclusies uit te trekken, onder meer omdat het in Herzele nog om relatief kleine aantallen gaat.
Verschil met andere gemeenten blijft vraag oproepen
Voor De Bodt is de discussie daarmee nog niet helemaal afgerond. Hij blijft zich afvragen waarom de cijfers in Herzele verschillen van die in verschillende andere gemeenten in de regio en gaf aan de gegevens verder te willen onderzoeken. Het OCMW houdt volgens Van Impe per persoon die zich aanmeldt bij welke stappen werden gezet en wat het uiteindelijke resultaat van de begeleiding is. Daardoor moet het in de toekomst mogelijk worden om beter in kaart te brengen waar mensen na het verlies van hun werkloosheidsuitkering uiteindelijk terechtkomen.
